XV Trop aimée

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is DSCF2038-2k-735x1024.jpg

de schoonouders van Frie: Clément en Colette Jamar Swerts (1962)

Op zoek naar de roots van Mia in Houthalen: Mia’s overgrootvader Jamar werd als Luiks officier in het militair kamp van Leopoldsburg gekazerneerd. Haar grootvader Theofiel Jamar was schrijnwerker in Koersel.

het zakuurwerk van Theofiel Jamar

Clément Jamar

aut viam inveniam, aut faciam (Ik zal een weg vinden of hem maken)

Deze klok tikt bij de ouders van Clément Jamar

“Le temps s’en va, le temps s’en va, madame. Le temps, non, mais nous nous en allons.” – Pierre de Ronsard

Clément Jamar (1910-1969)

Armand Jamar (1870-1946) – olie op paneel – 29×37 cm

Sans culture, une société fait de vous ce qu’elle veut.

Henri Swerts (1888-1979), de knaphandige bonpapa

Colette is herkomstig uit de Noord-Limburgse gemeente Heppen, later deelgemeente van het huidige Leopoldsburg. Haar vader, Henri wordt op 17 november 1888 in Koersel geboren als zoon van Petrus Swerts (1850-1891) en Maria Vanherle (1848-1934).

Met hulp van een hondenkar verkoopt Henri Swerts aan de militairen van ’t Kamp.

De grote knappe hunk start zijn loopbaan als kooivechter in Luik. Die van Swerts zijn messentrekkers, vechtersbazen. Henri kan nauwelijks schrijven maar tellen is zijn sterkte. Met zijn hondenkar trekt hij rond Leopoldsburg en verkoopt gestadig aan de militairen van ’t Kamp. Ten tijde van de grote manoeuvers bivakkeren in ‘Bourg-Léopold’ tot 140.000 manschappen. Henri lost ook 70kg wegende zakken steenkolen van kanaalschepen. Zelf als soldaat wordt hij door zijn gestalte geselecteerd deel uit te maken van de Koninklijke paleiswacht in Brussel. Door de eentonigheid in het paleis besluit Henry een een uiltje te vangen. Paleiswachter Henry zet zijn berenmuts af en legt zich in ‘un fauteuil royal doré feuille d’or’ maar wordt betrapt door het prinsesje Marie-José die hem uitsnauwt. Gedurende WO I wordt Henri opgeroepen om strijd te leveren maar hij verschuilt zich. Hij timmert een houten kist, steekt die onder het hooi, en kruipt daarin wanneer er naar hem gezocht wordt. Zo kan hij blijven arbeiden. Al vlug start hij een eigen zaak van zaaigoed, steenkool-en graanhandel aan het Kanaal van Beverlo. Het kanaal werd destijds doorgetrokken naar Leopoldsburg om de cavalerie aldaar te bevoorraden. Het kanaal is nog altijd open en stopt aldaar. In de ‚kom‘ van het kanaal waar zijn handel vlakbij was gelegen ligt nu een jachthaven. Voor zijn 50ste heeft Henri vijf eigendommen met landerijen vergaard.

Henricus en Berthilia Swerts Maes (1909)

Het huwelijk van Henri met Berthilia komt als een totale verrassing. Kort daarop, na een ‘geheime’ zwangerschap verwelkomen Berthilia en Henri hun eerste kindje. Het meisje Colette genaamd is het eerste van zes kinderen. Om te leren zwemmen gooit Henry zijn dochter Colette meermaals in het kanaal en met een trekzeel onder haar armen gebonden sjort hij haar door het koude water. Door zijn harde aanpak heeft Colette de rest van haar leven een rillerige schrik van water.

Berthilia Swerts Maes (1890-1943) de grootmoeder en meter van Mia

“Ons moeder stierf jong van verdriet na het overlijden van haar broer. Onze pa die een commerce had die draaide op volle toeren besloot ermee te stoppen.” – Colette

Elisa Duchene

Henri wordt jong weduwnaar zodat Colette de opvoeding van haar jongere broers en zussen op zich neemt. Haar vader Swerts laat zijn zaak over aan een van zijn zonen Louis. Henri hertrouwt met Elisa Duchene, een weduwe van een legerofficier. Die was dood gevallen van ’t verschieten toe hij tijdens WO II de Duitsers in Parijs zag binnenvallen. Het leven van het echtpaar Henri en Elisa bestaat uit vakantie en reizen. Voor mensen van onze tijd een heel normaal gebeuren. Ongeveer 100 jaar geleden was vakantie voor veel mensen niet weggelegd. Vrije dagen en vakantiegeld bestonden (bijna) niet. Van ‘madammeke’ (zo wordt Elisa achter haar rug genoemd) hoort Henri een driedelig pak te dragen en ‘un bâton de marche avec un pommeau en émaux’ (een wandelstok) gebruiken.

Henry Swerts en zijn tweede echtgenote Elisa Duchene

“Mijn moeder had schrik van haar stiefmoeder, een Parisienne en vreesde dat ik daar de boel ging op stelten zetten. Daarom kreeg ik voor we bij haar op bezoek gingen op straat preventief een pak slaag. Elisa kon niet om met kinderen, die moesten stil zitten en zwijgen. Dan viel ik van miserie op ne stoel in slaap.” – Mia

Henri en kleindochter Odilia

“Onze oudst gekende stamvader is een zekere Blasius Swerts, die ca. 1672 als slotenmaker stond opgetekend.” – Herman Swerts

Al dansend op ‘Zing een lied, Violetta’ ontmoetten Colette en Clément elkaar voor het eerst in ‘Hôtel du cerf’ te Beringen.

Clément en Colette Jamar Swerts (1938)

Clément is werkzaam in de steenkoolmijn van Houthalen en huwt in 1938 met Colette Swerts. In 1940 krijgt het stel een dochter, Mia Jamar.

Clément trekt ten strijde tegen de overheerser terwijl Colette met baby Mia te voet richting Arras (Frankrijk) vlucht.

Soldaten

We zijn als

in de herfst

aan de bomen

de bladeren.

Salvatore Cantore (1918)

Colette en Clément bouwen in 1949 hun pittoresk en vredig aandoend nest, een kleine witte bakstenen villa, in de Limburgse Kempen te Houthalen, Ringlaan 17. Voor de funderingen van start gaan legt Colette een Onze-Lieve-Vrouw medaille op haar bouwgrond. In de tuin langs de zonovergoten boomgaard naast het dorp wuiven stokrozen en seringen in de eerste zomerbries tegen een achtergrond van den Teut: het grootste heideterrein van Midden-Limburg en met een schilderachtige afwisseling van beekdalen, vennen, duinen, bossen en akkertjes.

Frie over Mia’s ouderlijke huis: “Da’s oemmes niks weijed, mee da da vlak nui den oorlog is gebouwd zit dui niks isolaase in. Ze gaat daar niks voor krijge en da wordt direct met de grond nee gesmeete.” Naar het einde toe verkoopt Colette haar huis en bekomt de prijs die zij hoopte. Anno 2023 zijn al de oude villa’s rond deze eigendom gesloopt. Het enige dat tot nu toe van de sloophamer gespaard bleef is dat van Colette en Clément. “Mijn bomma hoopte maar dat ik hier zou komen wonen”. – Pieter

Een koffieserviesje gedecoreerd met oranje havikskruid. Bij Colette is het de zoete inval. Tweemaal per week levert de bakker Limburgse vlaai aan huis.

Il n’est qu’un luxe véritable, et c’est celui des relations humaines” – Antoine de Saint-Exupéry

Clément, Mia en Colette

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is DSCF2024-2k-1024x704.jpg

Frie, Clément, Mia, Colette

In deze zetel (modèle Voltaire dit “à crémaillère”, qui permet une légère inclinaison du dos du fauteuil. C’est alors l’ancêtre du fauteuil relax) verslond Clément de mooiste roman die hij ooit gelezen had ‘Le comte de Monte-Cristo’ van Alexandre Dumas.

Clément, de vader van Mia op 58-jarige leeftijd overleden

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is 1062-1024x759.jpg

Pieter, Mia, Gert, Ilse, Colette (1979)

“Dui komt zjust niks van vuts, van die smeirige joeng. Let oep m’n woorde.” – Frie

Tegen de zin van Colette vertoeft Mia graag in Parijs. “Moa Mieke, blij-jft doar toch weg mee j’al die caberdouchkes.” (bars pour y accueillir une douce femme pour le plaisir des hommes)” – Colette Pieter fluistert in Mia’s oor om het niet meer over Parijs te hebben en de vreedzame bestemming “Het Zwarte Woud” te noemen wanneer zij naar de lichtstad trekt.

Nadat Clément vroegtijdig heenging neuriet Colette herhaaldelijk het vergeten lied ‘Margrietje (De rozen zullen bloeien)’.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is 1054-1024x698.jpg

Frie en zijn schoonmoeder (1987)

In Houthalen richt Colette ‘Het Kinderheil’ op (voorloper van Kind en Gezin). Leidt zij de ‚vrouw aan de haard’ en pleit voor een herwaardering van de huismoeder door een zgn. aanrechtsubsidie. Vrolijk komt zij geregeld met weekend op de heuvel en passeren zonder een blad voor de mond te nemen haar schouderophalende uitspraken de revue: Haar kleinkinderen hoeven niet wakker te liggen over studies of geldgebrek. ” Och God, och God, och God! Dat ons mennekes maar oep een schoewen manier profitere van ’t leve, want ’t got allemoal zoe rap voorbij. Os Gerteke moet maar e boerke worde en os Pitterke ne muzikant! Que sera sera, wat zal zij’jn zal zij’jn.” De warmhartige Colette en haar schoonzoon worden niet als “intellectuele zielsverwanten” getypeerd. Met aversie, een hartaanval nabij, reageert Frie op haar gedachten. Colette, terziele gegaan op Hemelvaartsdag doet Mia jarenlang tranen pinken. “Gui’da na wee beginne?” – hardvochtige Frie die het lovenswaardig vindt dat zijn schoonmoeder weduwe is gebleven, haar leven niet heropgebouwd heeft met een andere man.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is 1030-1024x873.jpg

Ilse en Pieter (1975)
Van hun bomma krijgen Ilse en Pieter een papieren rok. Pieter weet dat zijn pa dat niet wilt en bewaart zijn gewaad in een schoendoos onder zijn bed, maar Frie had de rok eens gevonden en in het haardvuur gesmeten.

« Velle suum cuiqui est »
« Wat een mens wil, is voor iedereen persoonlijk» – Persius

Colette stelt voor dat “os Pitterke” maar bij haar moet komen wonen en heeft Frie en Mia helemaal overtuigd. Maar de pastoor van Houthalen steekt daar een stokje voor en maakt pijnlijk duidelijk dat ze Colette zo iets niet mogen aandoen. De verklaring ligt voor de hand: hij merkt dat Pieter zich anders gedraagt dan anderen. Dat Pieter door zijn ongepaste levensvreugde wellicht homo is en niet geholpen kan worden.  Daardoor heerst er verdriet rond het knaapje. “Homosexualiteit, daar was ik toen nog niet mee bezig, maar het heeft mijn verbeelding wel enorm geprikkeld. In de christelijke school in Aarschot leerde ik hoe je moet ­vergeven. Maar over mijn geaardheid kregen we niets te horen.

Deze cassette recorder ligt in een ladekast bij de bomma met cassettes in de muzikale genre van Marva en Freddy Breck. Pieter speelt de cassettes af en Colette zingt al lachend mee. Nadien moet Pieter alles terug opbergen want “Os Mieke heeft niet graag dat ik naar die muziek luister.” Naderhand informeert Pieter waarom zijn bomma niet naar liedjes van Marva en Freddy Breck mag luisteren. Voor die navraag krijgt hij ruzie en ’t menneke denkt bij zichzelf: “Amai, later zal ik toch luisteren naar en zingen wat ik wil. In ’t plat Rilluirs gezei: Da ze m’n ……. kusse.”

Du coup, Pieter rêve d’être une célébrité comme la Telajora. Om Jommekes albums te betalen neemt hij centen uit de porte-monnaie van Mia en gaat er om in ‘de Panda’ te Wolfsdonk.

“Viske, viske uit het water” Eric Roux Fontaine – pigments, résine, poudre de bronze et d’argent (89x116cm)

In de klankrijkdom van de Limburgse tongval vertelt Colette ontelbare keren het betoverende sprookje ‘Janneke Tietentater’ met een moraliserende boodschap.

Dorpszicht, olie op canvas, gesigneerd Maryse

Colette was verknocht aan dit Kempisch dorpszicht, net zoals zij het in haar jonge jaren gekend had.

“Mijn peter Clément Jamar zag ik nooit. Hij overleed een maand na mijn geboorte.” – Pieter

XVII Frie en Mia krijgen drie kinderen >>>