Les danseuses

125 x 125 cm

olie op canvas

 

Drie vrouwen

90 x 90 cm

olie op canvas

 

Studie 0, 1962

130 x 110 cm

olieverf of canvas 

In 1963 ontving Fons Verstreken de “Prijs van de Jonge Belgische Schilderkunst”.

 

 

De hoed

70 x 170 cm

olie op canvas

 

Beeld aan de stroom

180 x 120 cm

olie op canvas 

 

M’as-tu-vu

80 x 125 cm 

olie op canvas

 

Het is volbracht

200 x 200 cm 

olie op canvas

 

Gekluisterd

120 x 80 cm

kunststof

 

Lentedans in het Hageland

110 x 165 cm

olie op canvas

Collage met koppen

120 x 200 cm

Gemengde technieken

 

Collage met koppen 2

120 x 200 cm

gemengde technieken

Collage met koppen 3

200 x 120 cm

gemengde technieken

Studie R, 1962

121 x 142 cm

olie op canvas

Beeld voor de eeuwigheid

180 x 120 cm

olie op canvas

Weggaan

115 x 115 cm

olie op canvas

Weggaan is iets anders

dan het huis uitsluipen

zacht de deur dichttrekken 

achter je bestaan en niet terugkeren. Je blijft

iemand op wie wordt gewacht.

 

Weggaan kun je beschrijven als

een soort van blijven.  Niemand

wacht want je bent er nog.

Niemand neemt afscheid 

want je gaat niet weg.

Rutger Kopland

 

Liggende figuur

120 x 170 cm 

houtskool

Belgische tricolore

 

37 x 27 cm

Gravure (rechtstreeks gegraveerd met een burijn in het koper).  Fons Verstreken koos om tussentijdse drukken te maken. ‘Staten’.  Als proef; Epreuve d’artiste.  Of staat of état.  Daarna kon hij nog verder graveren.

23,5 x 34,5 cm

Burgemeester Joseph Tielemans (1865-1914)

Ter nagedachtenis van burgemeester Tielemans en meer dan 170 burgers die in Aarschot werden doodgeschoten bij het begin van de Eerste Wereldoorlog.  Het beeld voor het stadhuis, wijst als het ware op de plicht van de bestuurders om tot het uiterste het beste voor de burgers te doen.

Bronzen afgietsel.  Het originele is in klei.  Daar maakte Verstreken een moule van om te gieten.  Denk aan een chocolade sint.  Beelden zijn hol.  Je ziet de naden en gietkanalen.  Die moet de kunstenaar nog wegvijlen en de stukken aan elkaar zetten.  Eeuwenoude techniek.

Fons Verstreken werd geboren te Rillaar op 31 januari 1929. Hij overleed op 31 oktober 2011.

Studies: Vrije Normaalschool te Tienen, einddiploma in 1948.  Voorbereiding op examen “Leraar Tekenen” aan het Sint-Thomasinstituut Brussel 1950-1952.  Behaalde het diploma voor de Centrale Examencommissie in 1954.

Leraar Artistieke vakken aan de Stedelijke Academie te Aarschot waar hij mede het initiatief nam voor de jeugdateliers, het atelier decoratief tekenen, het atelier grafiek, het atelier tekenen en modeltekenen. Als leraar Kunstvakken in het Sint-Jozefscollege te Aarschot was hij medeoprichter van de Kunstafdeling.

In 1963 ontving hij de “Prijs van de Jonge Belgische Schilderkunst”.

Het werk van Fons Verstreken is ruim vertegenwoordigd in meerdere privéverzamelingen.

“Behalve op het schilderen legde Fons Verstreken zich ook toe op grafiek. Hij maakte etsen en houtgravures, nooit eenduidig; in het etsen b.v. ontwikkelde hij diverse varianten als de mezzotint die zijn werk rijke diepgang en schitterende grijstinten gaf. In de burijngravure blonk hij uit door bravoure en raak getekende lijnen die de hand en kracht van een ware meester verraden.

Naast een rijk schilder – en grafiekoeuvre realiseerde Fons Verstreken werk voor publiciteit, luxeverpakkingen, kaligrafie, boekillustraties en gelegenheidsgrafiek.

Fons Verstreken ging ook aan de slag met klei. Vooral in de beeldende keramiek neemt zijn artistiek werk een breed elan waarin vele virtuoze elementen uit zijn eerder werk samenkomen. Grote “koppen” zijn nu eens ernstig, dan weer haast karikaturen met bijtende spot. In zijn keramiekwerk lijkt Fons Verstreken wel herboren, bevrijd; iets wat hij zijn hele leven nastreeft en opzoekt; vrijheid.” – Josée Lehon – kunsthistorica

 

Het is volbracht 

80 x 120 cm

zelfportret, doorgelicht, pastel op papier

Met ongelooflijke kracht en een ongelooflijke inspiratie was en is hij werkzaam als schilder, graficus (ets, burijn, toegepaste grafiek) en beeldhouwerij.  Zijn tekeningen en krabbels zijn voorstudies voor later werk, altijd op weg naar een voor hem en de toeschouwer onbepaalde toekomst.  Zijn werk werd dan ook in talrijke galerijen in binnen en buitenland geëxposeerd.  Bij een bezoek aan zijn atelier en in gezelschap van zijn onafscheidelijke herdershond word je aangegrepen door alles wat zich in dat interieur bevindt.  Je blijft nederig stil kijken en luisteren naar een man die met al zijn gemoedsstemmingen, spanningen en tegenstellingen kunst tot leven roept. Hier en daar herkent men in de compositie elementen uit de natuur met centraal de allesoverheersende mensfiguur.

Op het eerste gezicht kan men dit werk boeiend, niet gemakkelijk en toch onmiddellijk aansprekend noemen.
Anders gezegd een geheel van onopgeloste vragen en toestanden zoals dat bij een echte “artiest” past.
Ieder werk kondigt zich aan als een samenstelling van vlakken, vlekken, strepen, snel en krachtig, nerveus op het doek aangebracht. Het is een blijvend zoeken naar de essentiële vragen die verband houden met ons eigen bestaan.

Fons houdt niet van de zogenaamde kunstenaars die steeds weer dat zelfde “trukje” gebruiken, hij experimenteert voortdurend, steunend op een hoogstaande beroepskennis.  Aan ieder beleefd werk gaat een geschreven woord vooraf.  Overal in zijn atelier dan je ingekorte teksten zien hangen die aantonen hoe gevoelsmatig Fons zijn creaties ontstaan.
Zuiver : weemoedig; Ik besta niet; clichématig; zelfbevestiging. Thema’s die hem niet vreemd zijn. Over “zuiver” schreef Fons:

“Als een boom in de vlakte
in de wind en de regen
en de glorie van de zon
ver van alle woorden
ver van alle woorden
ver van alle woorden
alleen
in een grenzeloze vlakte
in ruimte en tijd
eens het onzegbare
nieuw
kunnenomvatten
en verder niets…”

Hij noemt dit “poëtische teksten, helaas zonder poëzie”.

“Na zijn dagtaak noteerde Fons met krabbels wat door het hoofd ging of wat hem op dat ogenblik bezig hield. Wie Fons als leraar gekend heeft, weet dat de “eigenheid” primeerde. Voor hem was tekenen geen natekenen van dingen, geen kopiëren van uiterlijke vormen. Zijn wordingsproces als keramist en beeldhouwer loopt parallele met al zijn ander werk, een niet te versmaden belangrijkheid.
Fons kan dankzij zijn grote ambachtelijke vaardigheden ons als een toeschouwer betrekken bij zijn innerlijke gevoelens.
Een edel gebeuren. In alle materialen waarmee hij werkt, blaast hij met zijn kunnen een nieuw leven in. Een voorrecht om dit alles van nabij te hebben mogen meemaken en proeven? Met zo’n heerschap gedurende veel jaren optrekken laat zijn sporen na.” – Edward Moons  – kunstschilder