Albert Vloeberghs  (1912-1987)

’s Hertogenmolens

1936

olie op canvas

tentoonstelling  Oogst, 1937

 

Albert  Vloeberghs – Architect

A. Vloeberghs was dus slechts twee jaar bij den inval der Duitschers te Aarschot.  Zijn ouders sloegen met hem op de vlucht en weken uit naar het buitenland.   Zij vestigden zich in het Zuiden van Engeland.   Daar groeide hij stillekes op, doch hij was een aardige jongen.  Het teekenen scheen hem ingeboren : van op 5 – 6 jarigen ouderdom krabbelde en teekende hij alles vol : alles wat hem in handen viel diende om mannekes en beesten na te bootsen en zonderling na korten tijd scheen dat geen prullewerk, geen kinderwerk meer, zoodat het de algemeene bewondering opwekte. Het teekenen was dan van de prilste jeugd zijn grootste liefhebberij, hij kon zich daar geheele dagen, mede bezig houden en dacht aan geen kinderspel.

Terug te Aarschot – na den wapenstilstand – was het eenige wat hij deed, buiten de schooluren , teekenen, niets dan teekenen.  Op 9 jarigen ouderdom ging hij de lessen der stedelijke Teekenschool volgen en daar beviel het hem beter dan in de school.

Onnodig er op te wijzen dat hij rassche vorderingen miek en de meester over hem uiterst tevreden was.  Bij het verlaten der teekenschool op 15-jarigen ouderdom bekwam hij een schitterenede uitslag.  Hij voltrok daarop zijn laatste jaar in de Middelbare school.  En dan op 16 jaar trekt hij naar de Akademie van Schoone Kunsten te Leuven.  Daar is hij in zijn element : teekenen en schilderen zit in hem, dag en nacht wou hij zich oefenen, zonder verpoozen werkt en studeert hij en … zijn ongemeene inspanning wordt rijkelijk beloond.  Jaar op jaar kaapt hij den 1e prijs weg in de Leuvensche Akademie.

Aan zijn studieijver was paal noch perk.  Niet tevreden met de lessen van schilderen en bouwkunde in de Akademie, ging hij nog in de Leuvensche vakschool zich bekwamen in het schilderen van hout en marmer.  Hier ook werd hij : bij het eindigen zijner studiën, bekroond met diploma’s en de grootste onderscheiding.

Onze wakkere stadsgenoot is ook een liefhebber van natuurschoon, hij weet schoonen lieve hoekjes in en rondom Aarschot te vinden en deze op het doek te brengen.  Tijdens zijn studiën en nu soms ook nog ziet met hem met den schildersezel naar zijn uitgekozen plekje trekken om daar rustig en met kennersoog te kleuren te mengelen en te malen om het betooverend landschap getrouw weer te geven.

Meerder schilderstukje van hem versiert reeds menige burgerwoning.

In de bouwkunde behaalde hij de twee laatste jaren achterenvolgens de Gouden Medalie der stad Leuven, het laatste jaar, in 1936, kreeg hij daarbij nog met het diploma van Bouwkundige, de Zilveren Medalie der Regeering.

Albert Vloeberghs heeft zich als bouwkundige gevestigd in zijn moederstad in de Fabriekstraat.  Ofschoon maar pas begonnen en spijts er geen gebrek is aan bouwkundigen te Aarschot, heeft onze jonge architekt reeds de gelegenheid gehad meerder staaltje te geven van zijne kennissen : menige mooie, fraaie samengestelde woning dan men reeds van hem bewonderen die voor het getuigen.

Aan de vruchten kent men den boom.  Zijne werken spreken voor hem en wellicht gaat onze jonge knappe architekt Albert Vloeberghs eene schitterende toekomst tegemoet, hetgeen wij hem uit ganscher harte wensen.

Als staaltje van de kunst van onzen jonge veelbelovende stadsgenoot mochten wij op de tentoonstelling van Oogst 1937 bewonderen : benevens plannen en teekeningen volgende schilderwerken :

  1. Orleanstoren
  2. Watermolen
  3. Nieuwstraat 19
  4. Kerk-Park
  5. Kerk-Sas
  6. Schoonhoven
  7. Maagdentoren – Sichem
  8. Zelfportret
  9. Penteekening – Demerkan